Corgi Herplaatsing

Degeneratieve Myelopathie (DM)


Wat is Degeneratieve Myelopathie?

Degeneratieve Myelopathie (DM) is een erfelijke verlammingsziekte die bij veel hondenrassen voorkomt, vooral ook bij de Duitse herder en de Welsh Corgi Pembroke.
Genetici denken dat DM verwant is aan Amyotrofische Laterale Sclerose (ALS) bij de mens. Tot nu toe zijn een aantal ALS-genen bij de mens bekend, waaronder het DOD1 gen, dat ook voorkomt bij honden die lijder of drager zijn van DM.
De beschermlaag (myeline) waarin de zenuwen liggen, wordt afgebroken door het defecte gen. In het eindstadium van de ziekte is dit helemaal verdwenen. De zenuwen werken dan niet meer. De hond wordt incontinent, is ernstig verlamd en kan niet meer zelfstandig lopen.

 

Wanneer komt DM tot uiting?
Een lijder krijgt de verschijnselen rond zijn 7e/8e  à 10e levensjaar, maar sommige vertonen pas symptomen als ze veel ouder zijn. Dit kan per nestgenoten en rassen verschillen.
De symptomen worden ook wel gemist worden, door andere ziektes, vroeg overlijden of de symptomen blijven zeer minimaal dat het niet opvalt.
Vanaf de eerste tekenen tot het einde verloopt meestal 6 tot 18 maanden.
De ouders hebben als drager van de afwijking zelf geen ziekteverschijnselen.
Bij honden die vrij of drager zijn getest is nog nooit bewezen Degeneratieve Myelopathie gevonden.

 

Hoe zien we de verschijnselen?
De ziekte begint met stijfheid, zwakte en coördinatie verlies in de achterste ledenmaten. De hond begint wat te waggelen, te struikelen en met eerst één achterpoot te slepen, later met beide achterpoten. De hond krijgt moeite met opstaan, lopen, draaibewegingen en zal last krijgen van vermoeidheid. Spierkrampen in rust zullen ook vaker kunnen optreden. Daarnaast zal het slikvermogen en geluid van blaffen ook kunnen verminderen.
Dit proces kan een paar maanden tot ongeveer anderhalf jaar duren.
De hond heeft geen pijn. Door het waggelen, stuntelen en struikelen, kan er wel blessures opgelopen worden. Deze kunnen uiteraard wel pijn doen. Zo lang ze niet verlamd zijn, kunnen ze wel pijn ervaren. Door het slepen met de achterpoten slijten de teennagels snel.
Hierdoor kunnen vervelende infecties ontstaan. Om dit tegen te gaan kunnen de poten worden getapet en moet een goede voethygiëne in acht worden genomen.  In een later stadium, als de verlamming verergert, valt de hond om, vooral op gladde ondergrond. Lopen wordt steeds moeilijker. Een hond in goede conditie kan echter nog wel rennen (zolang de tweede poot nog bruikbaar is).
Meestal wordt de hond eerst verlamd aan de achterpoten, pas in een later stadium zal de hond ook verlamd raken aan de voorpoten. Incontinentie kan ook optreden, wanneer dit gebeurd, betekent meestal dat het einde nabij is.
Uiteindelijk worden de vitale organen (hart, nieren en/of lever) aangetast.
Denk hierbij aan verslechterde nierfunctie, hartfalen, leververgroting, ernstige diarree of verstoppingen en maagbloedingen. Helaas is de dood dan niet meer ver weg.
Het verloop of tot uiting komen van de ziekte is afhankelijk van de fysieke conditie en omgevingsfactoren.
Om het laatste deel van het leven geen lijdensweg te laten worden, wordt er vaak voor euthanasie gekozen.

* let op, niet alle symptomen hoeven tot uiting te komen. Dit verschilt per ras, per hond.

 

Diagnose

De diagnose gebeurd door middel van eliminatie (uitsluiten van andere ziekten).
Er kunnen meerdere oorzaken zijn voor de uiterlijke kentekenen van Degenaratieve Myelopathie, zoals onder andere Hernia, Spondylose, Tumor, Cyste, infecties of hartaanval. Er kan een EMG, Ct-scan en/of MRI- scan worden gemaakt.
Geeft dit geen resultaat, dan wordt de waarschijnlijkheids diagnose Degenaratieve Myelopathie gesteld. De definitieve diagnose is slechts mogelijk door middel van een autopsie.

 

Kan de ziekte worden behandeld?

Er bestaat helaas geen behandeling welke Degeneratieve Myelopathie kan genezen dan wel kan terug dringen. Er is een rolstoel ontwikkeld zodat de hond zich toch kan voortbewegen. Soms met verrassende resultaten!
Maar in begin stadium kun je ook denken aan een speciale rugtas, buggy of harnas. Oplossingen om zo comfortabel mogelijk te maken zijn er genoeg.
Groenlipmossel, zalmolie en CBD helpt in kleine beetje om het soepel te houden inwendig, meer bedoeld voor ondersteuning.
Acupunctuur, hydrotherapie, laseren schijnt ook veel baat te hebben. Maar dit zal ook per hond verschillen. Hiervan zijn nog geen wetenschappelijk gemeten resultaat te vinden. In beweging houden is sowieso het beste. Aanbevolen training is, bijvoorbeeld wandelen (niet slenteren) en zwemmen (voor de veiligheid met zwemvest). Training bevordert de spieropbouw van de nog bruikbare spieren, waardoor de hond langer mobiel blijft. Maar pas op, maak je hond niet oververmoeid.

 

Hoe vererft de ziekte?

Dit kenmerk vererft op een autosomale (niet geslachtsgebonden), recessieve (beide ouders geven het ziekmakende gen door), manier. Dit betekent, dat een dier vrij kan zijn (homozygoot normaal), lijder (homozygoot afwijkend) of drager (heterozygoot). 

Een dier kan vrij zijn en heeft in dat geval twee gezonde allelen. Dit dier zal bij gebruik in de fokkerij geen afwijkingen krijgen en kan de mutatie niet doorgeven aan de volgende generatie.
Een dier is drager en heeft een gezond allel en een defect allel. Het dier zal het mutant (defecte) allel aan de helft van zijn nakomelingen doorgeven. Dragers kunnen in een aantal gevallen zelf ook last hebben van het defecte allel, maar zullen in de regel geen symptomen hebben. Dragers zullen in de regel niet ziek worden.
Een dier dat lijder is, heeft dus twee defecte allelen. Lijders geven het afwijkende allel door aan  hun nakomelingen in de volgende generatie en krijgen zelf de symptomen die horen bij de ziekte. (zie uitleg hiervoor bij: “wanneer komt DM tot uiting”)

Dragers kunnen de mutatie verspreiden in de populatie zonder dat ze zelf de symptomen hebben. Hierdoor is met name het aantonen van dragers van groot belang om verspreiding te voorkomen.

 

Hoe zit het met de combinaties?

  • Lijder x Lijder: 100% lijders
  • Lijder x Drager: 50% lijder; 50% dragerDit percentage verschilt per nest
  • Lijder x Vrij: 100% drager
  • Drager x Drager: 25% vrij; 50% drager; 25% lijder – Dit percentage verschilt per nest
  • Drager x Vrij: 50% drager; 50% vrij Dit percentage verschilt per nest
  • Vrij x Vrij: 100% vrij

Benamingen in Nederland kan verschillen met Engeland/Amerika.
Daar wordt het ook wel:
Normal: Vrij
Carrier: drager
At Risk: Lijder (loopt risico)

Testresultaten worden omschreven als:
Normal (N/N) Vrij
Carrier (N/A) Drager
At-Risk (A/A) Lijder

 

Is het defecte gen al gevonden?

Ja. In juli 2008 is aan de Universiteit van Missouri in de Verenigde Staten het gemuteerde SOD1-gen gevonden. Heden ten dagen is het mogelijk om de hond te laten testen op het gen, zodat een fokker of eigenaar kan weten of zijn hond lijder, drager of vrij is van deze ziekte.
Voor wie zijn of haar hond wil testen: https://www.combibreed.com/nl-nl/Webshop/DNA-Testen/Details/Hond/H673-Degeneratieve-Myelopatie-DM-partner-lab

 

Heeft andere ziektes invloed op Degeneratieve Myelopathie?

Men heeft andere gerelateerde of naast elkaar bestaande genetische markers, die het begin van de ziekte kunnen beïnvloeden nog niet kunnen vinden. Hier wordt in diverse laboratoria nog steeds onderzoek naar gedaan.
Dit veranderd echter niets aan de nauwkeurigheid van de bekende genetische marker en zijn link naar de menselijke marker voor ALS.

 

 

Bron: Google

Comments are closed.

wordpress stat